The History of American Workwear

De historie van American Workwear

De historie van American Workwear

Van spoorwegen en boerderijen tot de moderne werkvloer. Stevige denim, zware canvas, bib overalls, chore coats en werkbroeken met meer zakken dan je eigenlijk nodig hebt. American Workwear heeft een herkenbare uitstraling. Achter deze iconische look zit een geschiedenis van meer dan honderd jaar.

Van de spoorwegarbeiders in Detroit en boeren op de Great Plains, tot monteurs, bouwvakkers en ranchers: Amerikaanse werkkleding is ontwikkeld rondom één simpele vraag: Hoe maken we kleding die het werk aankan?

Van pioniersland naar industriële grootmacht

Om de geschiedenis van American Workwear te begrijpen, moeten we terug naar de tweede helft van de 19e eeuw. De Verenigde Staten veranderd in hoog tempo. Spoorlijnen worden aangelegd, steden groeien en fabrieken schieten uit de grond. Tegelijkertijd werken er miljoenen Amerikanen op boerderijen, ranches, in mijnen en op bouwplaatsen.

Het werk is zwaar. Letterlijk. Kleding krijgt te maken met olie, vet, modder, hout, metaal, stof en alle denkbare weersomstandigheden. De werkkleding moet daarom vooral praktisch en super duurzaam zijn.

Waarom denim?

Als je aan Amerikaanse workwear denkt, is de kans groot dat denim één van de eerste dingen is die in je opkomt. Dat is geen toeval. Denim is sterk, relatief betaalbaar en geschikt voor dagelijks zwaar gebruik. Daardoor werd het al vroeg populair bij arbeiders. Maar denim was slechts één onderdeel van de workwear-revolutie.

Ook duck canvas werd een belangrijk materiaal. Duck is een dicht geweven, stevige katoenen stof die goed bestand is tegen slijtage. Waar denim vaak herkenbaar is aan zijn blauwe kleur, draait duck canvas vooral om de robuuste constructie.

De stof is onderdeel van jouw toolset.

Je draagt niet alleen een broek om jezelf te bedekken. Je draagt een broek omdat je ermee moet kunnen werken. De broek is in werkelijkheid een onderdeel van jouw gereedschap.

De overall: misschien wel hét symbool van American Workwear

Weinig kledingstukken zijn zo sterk verbonden met Amerikaanse arbeid als de bib overall. Een overall heeft een aantal voordelen. Hij blijft goed zitten zonder dat een riem noodzakelijk is. De bib biedt bovendien extra opbergruimte. En doordat de broek en het bovenstuk samen één geheel vormen, ben je beter beschermd tegen vuil. Dat maakt hem ideaal voor onder andere: boeren, monteurs, bouwvakkers en spoorwegarbeiders.

Een van de merken die de bib overall groot maakte, was Carhartt. Toen Hamilton Carhartt in 1889 zijn bedrijf begon in Detroit, sprak hij rechtstreeks met spoorwegarbeiders om te begrijpen wat zij nodig hadden. Vanuit die feedback ontwikkelde hij zijn beroemde bib overall. Carhartt begon met slechts twee naaimachines en een kleine werkplaats, maar is inmiddels het wereldwijde boegbeeld van American Workwear.

Carhartt: workwear voor de railroad

Carhartt werd in 1889 opgericht, midden in een periode waarin de aanleg van Amerikaanse spoorwegen een enorme rol speelden in de groei van het land. Het merk richtte zich vanaf het begin op kleding voor arbeiders. De beroemde bib overall was daarbij het allerbelangrijkste product. Het uitgangspunt van Hamilton Carhartt was duidelijk: goede kleding leveren voor een eerlijke prijs: “Honest value for an honest dollar.”

Het merk groeide snel. In 1910 had Carhartt fabrieken en naaiateliers verspreid over meerdere Amerikaanse steden en breidde het zelfs internationaal uit. 

Ook andere iconische kledingstukken ontstonden in deze periode. De Chore Coat bijvoorbeeld deze jas is in de basis al meer dan 100(!) jaar oud!

Veel van de typische kenmerken van moderne workwear zijn hier al zichtbaar:

  • stevige materialen
  • grote zakken
  • praktische pasvormen
  • verstevigde constructies
  • kleding ontworpen rondom het werk

KEY Apparel: workwear uit de Great Plains

Carhartt was niet het enige merk dat vanuit de behoefte van arbeiders groeide.

In 1908 richtten C.A. Lakin en Harry McKey in Fort Scott, Kansas de Lakin-McKey Manufacturing Company op. Het eerste product was een bib overall van heavy-duty denim met triple-needle stitching. 

De omgeving speelde daarbij een belangrijke rol.

De Great Plains waren het terrein van boeren en ranchers die lange dagen buiten werkten. Hun kleding moest niet alleen sterk zijn, maar ook comfortabel genoeg om urenlang in te kunnen werken.

KEY bouwde vanuit die behoefte een assortiment dat steeds verder groeide. En de filosofie is eigenlijk nog steeds hetzelfde: werk hard, draag kleding die het werk aankan. Vandaag de dag maakt KEY nog steeds bib overalls, denim, duck canvas en andere klassieke workwear. 

Dickies: van Texas naar de wereld

Dan is er nog een derde grote naam in American Workwear: Dickies. Het merk ontstond in Texas en begon in 1922 met bib overalls. 

De omgeving was anders dan Detroit.

Texas betekende ranches, landbouw, olie en industrie. Ook hier was de behoefte hetzelfde: kleding die tegen het dagelijkse werk bestand was. Dickies groeide vervolgens uit van een kleine fabrikant van overalls tot een internationaal workwearmerk. 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het bedrijf ingezet voor de productie van militaire uniformen. Na de oorlog keerde Dickies terug naar de consumentenmarkt en groeide het verder uit. Tegenwoordig wordt Dickies wereldwijd verkocht, maar het merk maakt nog steeds bib overalls en andere klassieke workwear. 

Triple stitching, rivets en andere details

Wie naar oude Amerikaanse workwear kijkt, ziet veel details die tegenwoordig bijna decoratief lijken. Maar oorspronkelijk puur functioneel waren. Triple-needle stitching bijvoorbeeld. Meerdere stiknaden zorgen voor extra stevigheid op plekken waar kleding veel te verduren krijgt. KEY gebruikt deze constructie bijvoorbeeld nog steeds bij de klassieke bib overalls. 

🇺🇸 Workwear tijdens de oorlog

De geschiedenis van American Workwear is ook verbonden met de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Tijdens de Eerste Wereldoorlog stelde Carhartt bijvoorbeeld meerdere productiefaciliteiten beschikbaar voor de productie van uniformen voor het Amerikaanse leger. Tijdens de Tweede Wereldoorlog produceerde het bedrijf onder andere overalls voor militairen en ondersteunend personeel, jungle clothing voor mariniers en werkkleding voor vrouwen die in Amerikaanse fabrieken gingen werken. 

Ook Dickies werd tijdens de Tweede Wereldoorlog ingezet voor militaire productie. 

De oorlog zorgde daarmee niet alleen voor een enorme vraag naar duurzame kleding, maar hielp ook mee aan de verdere ontwikkeling van industriële productie.

Van werkvloer naar dagelijks leven

En dan gebeurt er iets interessants. Workwear blijft workwear, maar steeds meer mensen beginnen de kleding ook buiten het werk te dragen.

 

·         Een Carhartt jacket is praktisch op de bouwplaats. Maar kan net zo goed tijdens een wandeling door de stad.

·         Een Dickies work pant is gemaakt voor zwaar werk. Maar blijkt ook gewoon een goede broek voor een in het weekend.

·         De bib overall is ontworpen voor boeren en monteurs. Maar wordt uiteindelijk ook opgepikt door muzikanten, kunstenaars, skaters en andere subculturen.

Van railroad worker naar streetwear

In de tweede helft van de twintigste eeuw wordt workwear steeds sterker onderdeel van popcultuur. Muziek, skatecultuur, streetwear en subculturen nemen elementen uit de Amerikaanse arbeiderskleding over.

Waarom?

Omdat de kleding geloofwaardig is. Een workwear jacket probeert niet stoer te zijn.

Hij is gemaakt voor iemand die daadwerkelijk iets moet doen.

Dat geeft kleding als Carhartt, Dickies en andere Amerikaanse merken een authenticiteit die moeilijk te kopiëren is. Je kunt een workwear-look ontwerpen, maar real American heritage kun je niet zomaar namaken. 

Van noodzakelijk naar iconisch

Dat is misschien de grootste ontwikkeling in de geschiedenis van American Workwear.

Wat ooit puur functioneel was, is inmiddels ook cultureel erfgoed geworden.

  •  De bib overall.
  • De chore coat.
  • De duck jacket.
  • De denim work pant.
  • De work shirt.
  • De trucker cap.

Stuk voor stuk kledingstukken die ooit vooral werden gedragen omdat ze praktisch waren. Tegenwoordig worden ze ook gedragen omdat mensen de uitstraling waarderen. Maar de mooiste exemplaren behouden nog steeds hun oorspronkelijke karakter. En een beetje slijtage maakt ze alleen maar beter. Een gedragen workwear jacket vertelt iets. Over jouw werk ethiek, waar je geweest bent en wat je ermee hebt gedaan. 

De jas is een onderdeel van jouw eigen verhaal, jouw identiteit.

Waarom Amerikaanse workwear nog steeds relevant is

Meer dan honderd jaar later zijn de omstandigheden veranderd. We werken anders. Machines hebben veel werk overgenomen. Technologie is overal aanwezig. Maar de basisbehoefte is niet verdwenen. 

  • Mensen werken nog steeds buiten.
  • Op bouwplaatsen.
  • In werkplaatsen.
  • Op boerderijen.
  • In magazijnen.
  • In de tuin.
  • Op de weg.
  • En soms gewoon thuis.

Daarom blijft de oorspronkelijke gedachte achter American Workwear relevant: maak kleding die het (werk)leven aankan. Dat hoeft tegenwoordig niet altijd te betekenen dat je elke dag twaalf uur lang aan het spoor werkt. Het kan ook gewoon betekenen dat je een jas wilt die jarenlang meegaat. Of een broek die je iedere week aantrekt. 

RoughToughWorkWear: American Workwear met een verhaal

Bij RoughToughWorkWear zijn we gek op dat verhaal. Niet alleen omdat American Workwear er goed uitziet. Maar vooral omdat veel van deze kledingstukken ergens vandaan komen.

  • Carhartt bestaat sinds 1889. 
  • KEY Apparel maakt workwear sinds 1908. 
  • Dickies maakt workwear sinds 1922. 

Dat zijn geen merken die gisteren besloten dat workwear een leuke trend was.

Ze zijn groot geworden door kleding te maken voor mensen die hun handen uit de mouwen steken. 

En misschien is dat precies waarom American Workwear vandaag nog steeds zo goed werkt.